Rage (hands-on) Preview

Zal het ook effectief een rage worden?

In de nabije toekomst komt er een asteroïde die onze aarde om zal toveren tot een verdorven woestijnlandschap boordevol afval, elkaar bestrijdende clans en wie weet zelfs gemuteerde vierkante varkens. Het is een tafereel waar we maar al te vertrouwd mee zijn dankzij films en games, maar het kan ook op een andere manier. In 2005 brak er in het echt even paniek uit omdat men ontdekt had dat er effectief een bestaand brokje ruimtesteen richting aarde aan het vliegen was. Gelukkig is er nu voldoende bewijs dat de kans dat het onze teerbeminde aardbol zal raken verwaarloosbaar klein is, maar wat als de wetenschappers een vergissing hebben gemaakt? Dan krijgen we in oktober al een voorsmaakje van wat ons te wachten staat in de vorm van Rage.

Alles hangt natuurlijk af van welke voorzorgen we zouden treffen in een dergelijke situatie. De asteroïde aan diggelen proberen schieten met raketten of twee grote stuwraketten op de brok steen planten om zo het ding uit z’n baan te krijgen zijn twee zaken die onze briljantste koppen indertijd overwogen hebben. In Rage zijn ze voor een equivalent van de ondergrondse kluizen uit Fallout gegaan: ze hebben enkel de mensen ingevroren die na de impact van belang zouden zijn om de samenleving weer op te bouwen. Ik ontwaakte tijdens mijn speelsessie te Londen als één van die gelukkigen, om vervolgens al meteen in de harde post-nucleaire wereld te worden gegooid. Enkele monsters hadden het namelijk op me gemunt, maar gelukkig werd ik nog net op tijd gered.

Mijn eerste queeste kreeg ik van mijn bezonnebrilde redder in nood, die me meteen vroeg een hele groep bandieten uit te moorden. Qua introductie kan dat tellen, en aangezien ik wel zin had in wat actie ging ik meteen op pad. De wereld van Rage zit volgestouwd met clans. Het werd al snel duidelijk dat elke groepering een typerend uiterlijk en unieke specialiteiten heeft. Zo zijn er monstertjes die van hier naar daar springen en anarchisten die de Engelse vlag op hun borst getatoeëerd hebben. Elke clan heeft zich een ruïne toegeëigend en heeft z'n nieuwe verblijfplaats vervolgens gedecoreerd met een aantal kenmerkende spullen zoals religieuze symbolen. De verschillende nederzettingen - waar tevens al je doelen zich bevinden - zijn met elkaar verbonden via een aantal zandweggetjes omgeven door talloze heuvels. Al snel kon ik dan ook achter het stuur kruipen van een buggy om erop uit te trekken, met de minimap als mijn gids!

Het territorium van sunglass dude en zijn kompanen waar ik steeds weer naartoe moest voor nieuwe opdrachten deed tevens dienst als centrale hub waar een aantal handige shops aanwezig waren. Tijdens het spelen kan je naast verzamelobjecten allerlei voorwerpen bij elkaar rapen waar je op het eerste zicht niets mee bent. Deze dingen kan je verkopen in de winkel van de hub, waar je bovendien allerlei zaken kunt aanschaffen. Er liggen een heleboel munitietypes in het uitstalraampje, alsook een hoop voorzieningen zoals health- en overlevingskits en ingrediënten. Deze ingrediënten kan je eveneens verzamelen door missies te voltooien en omgevingen uit te pluizen, en uiteindelijk kan je er bijzonder coole voorwerpen zoals aanvalsdroids mee bouwen. Een ander gebouw in de hub deed dienst als garage, waar je voertuigen kunt herstellen en selecteren.

Missies die ik moest volbrengen bevonden zich allemaal in de buurt van dat vertrekpunt, dus ik heb me nog geen beeld kunnen vormen van hoe groot de spelwereld eigenlijk is. Wat ik wél weet, is hoe gedetailleerd het spel eruit ziet, en dat is best wel indrukwekkend te noemen… Op een up-to-date PC tenminste. Hoewel beide consoleversies er relatief goed uitzien in vergelijking met vele andere consolegames, hebben ze toch te kampen met een aantal opmerkelijke minpunten. Textures laden soms heel laat in, sommige oppervlakten zien er te vlak uit en de omlijningen van voorwerpen zijn opmerkelijk onscherp in vergelijking met de PC-versie.

id Software legt wat dingen uit over hun aankomende blockbuster.

Maar dat wilt uiteraard niet zeggen dat de consoleversie niet om aan te zien is. De ietwat cartoony look van de rotsachtige Wastelands distantieert het spel van grote concurrent Fallout 3, de lucht ziet er heel mooi uit en de algemene sfeer van het spel zit onder andere dankzij de realistische omgevingsgeluiden en ophitsende muziek helemaal goed. Zowat elk personage waar ik mee praatte leek een unieke persoonlijkheid en een ander accent te hebben. Ergens vond ik het een beetje jammer dat er geen dialoogopties zijn om uit de kiezen, maar dat ligt simpelweg aan het feit dat Rage meer de nadruk legt op pure gameplay in plaats van RPG, iets dat ik al snel merkte toen ik bij de bandieten aankwam.

Wat vooral opviel was de A.I. van de tegenstanders. Elke clan heeft specifieke aanvalsmethoden, maar enkele eigenschappen hebben alle tegenstanders gemeenschappelijk. Er zijn bijvoorbeeld steeds mêleevijanden, vijanden met een wapen en soms zelfs kleine eindbaasjes aanwezig. Als vijanden denken dat ze geen schijn van kans maken tegen je vluchten ze weg, en als je je wat te lang verstopt komen ze achter hun eigen cover vandaan om op je af te komen rennen. Als je ondertussen op hen schiet is er veel kans dat ze de kogelregen kunnen ontwijken door lenig opzij te springen, waardoor ze vaak tot bij jou geraken. De oplossing? Als de bliksem op mêlee-aanvallen overschakelen of voor je hen te lijf gaat ze al sluipend proberen te benaderen, als dat mogelijk is tenminste.

Ook over de manier waarop de vijanden gracieus neervallen nadat je hen hebt neergemaaid hebben de makers duidelijk nagedacht. Elk lijk kan je vervolgens bestelen van zaken als munitie, ingrediënten en geld. Als je zelf het loodje legt heb je nog één kans om in leven te blijven. Je personage haalt simpelweg een defibrilator boven die je activeert in de vorm van een aantal quicktime events. Hoe sneller en hoe correcter je de knoppencombinaties volgt, hoe meer je levensbalk terug de hoogte inschiet. Deze defibrilator is slechts één keer te gebruiken waarna het ding een tijdje moet herladen, maar zelfs dan zijn er nog enkele manieren om frustratie te vermijden. Voorzichtig spelen, zoveel mogelijk cover opzoeken en voldoende saven. Zelfs op de consoleversies kan je saven waar je maar wilt, een leuk detail aangezien veel games tegenwoordig enkel over een autosave functie beschikken.

Toen de bandieten allemaal in het zand hadden gebeten volbracht ik nog een aantal andere missies, gaande van een antenne repareren tot het zoeken naar een vermist persoon op vijandelijk terrein. Opmerkelijk is dat quasi elk personage waar je mee moet gaan praten je om een gunst vraagt in ruil voor wat je van hen nodig hebt. Zo ontstaan er missies waar je voor verschillende mensen opdrachtjes moet vervullen om slechts helemaal op het einde je missiedoelstelling te behalen. “Voor wat hoort wat” zou met gemak de ondertitel van Rage kunnen zijn. Gelukkig krijg je vaak een extra beloning voor al dat zware werk. Na het voltooien van een bepaalde missie kreeg ik bijvoorbeeld een apparaat waarmee ik een deurslot kon kraken. Hoewel je regelmatig enkele dingen tegelijk kunt doen en er enkele alternatieve routes zijn lijkt het spel toch een meer lineaire structuur te kennen dan open wereldgames als Fallout 3.

Uiteindelijk kwam ik terecht in een redelijk groot stadje genaamd Wellspring, waarin alle gebouwen uit ijzer opgetrokken zijn. Wapens waren er niet toegelaten, dus zocht ik maar een klerenwinkel op waar ik kon kiezen uit vier outfittypes, die elk een ander voordeel konden opleveren. Vervolgens liep ik al snel een charismatisch personage tegen het lijf dat op zoek was naar vers racersbloed. Competitief racen vormt een groot onderdeel van Rage, en er zijn dan ook heel wat races om vrij te spelen. Er valt tonnen te beleven terwijl je in een voertuig zit en ik kan de gameplay dan ook best omschrijven als een vlotte mengelmoes van zowat alle mogelijke racegenres. Er liggen boost pick-ups en ammo refills op de weg zoals in kartgames, je beschikt over enorme hoeveelheden boosts à la Burnout, de circuits bestaan vaak uit ruw en heuvelachtig terrein zoals in MotorStorm en er zijn wapens aanwezig, iets dat dan weer doet denken aan games als Twisted Metal.

Als je in een race goud, zilver of brons weet te bemachtigen krijg je race-certificaten, kostbare papiertjes die je nieuwe wapens alsook meer races opleveren. Per circuit zijn er een viertal racetypes. Je hebt naast gewone races time trials en wedstrijden met wapens. Qua vuurkracht mag je je onder meer verwachten aan machinegeweren, raketten en mijnen die je achter je aan kunt werpen. Aangezien je tegenstanders niet kijken op een kogeltje meer of minder, heb je tevens een aantal defensieve krachten ter beschikking zoals een tijdelijk schild dat je even onkwetsbaar maakt. Ook wanneer je tussen twee missies door het padennetwerk aan het doorkruisen bent met een buggy is de kans groot dat je af en toe bandieten tegenkomt die het op je gemunt hebben.

Net toen ik de smaak te pakken begon te krijgen spoelde id Software het spel ongeveer tien uurtjes door, en het leek wel alsof ik in een volledig andere game terecht was gekomen. Ik bevond me in een futuristische gevangenis die in schril contrast stond met het dorre woestijnlandschap van voordien. Het gebouw was eigendom van The Autority, een mysterieuze hoogtechnologische clan die op ontdooide mensen jaagt en experimenteert met mutanten. Vijanden bleken hier een pak taaier te zijn. Zo waren er robotachtige tegenstanders die een schild voor zich hielden waardoor ik ze heel moeilijk kon raken met kogels. Mijn missie bestond erin een zekere kapitein te redden, en om dat te verwezenlijken moest ik niet alleen vijanden maar ook omgevingselementen trotseren. Er waren namelijk een heleboel laserschilden aanwezig waar ik enkel door kon geraken door hun energiebron kapot te schieten.

The Well zit in de knoop in deze trailer van Rage.

Waar ik het voordien moest stellen met een aantal klassieke wapens en boemerangachtige Wingsticks, had ik nu toegang tot een coole kruisboog en een bliksemsnel machinegeweer. Je kunt maximum vier wapens en vier wapengebonden munitietypes met je meedragen, maar daar moet je het dan ook mee doen. Je kunt geen wapens van verslagen vijanden oprapen. Wat je bij je hebt is selecteerbaar via een handig pop-up menuutje. De kruisboog beschikte naast gewone pijlen over elektrisch geladen pijlen, pijlen met een extra harde punt en pijlen die konden ontploffen. Verder vond ik een trosje EMP-granaten die ideaal bleken te zijn om de vele beveiligingsturrets onschadelijk te maken.

Er waren boterkoeken aanwezig op de kantoren van Bethesda. Ik heb ze gemist omdat ik te druk bezig was met Rage. Ik had die dag nog niets gegeten. Eigenlijk is daarmee de boodschap overgebracht, maar om het nog eens kort samen te vatten: jammer dat de graphics op console enkele negatieve elementen bevatten, maar voor de rest hebben we te maken met een race-aspect dat het beste van verschillende werelden combineert, een uitstekende A.I. en enorm veel variatie wat wapentuig, personages en omgevingen betreft. Als het verhaal even goed is als de gameplay wordt dit een heel interessant totaalpakket. Er bestaat een kans dat de ietwat verdoken lineariteit en de niet volledig open wereld het spel een beetje potentie ontneemt, maar daar kunnen we op basis van de demo eigenlijk nog geen uitspraak over doen. Hopelijk blijven de asteroïdes nog een tijdje uit onze buurt, zodat we op z’n minst nog met John Carmacks laatste geesteskindje aan de slag kunnen gaan!

Rage verschijnt op 7 oktober, en dit voor de PC, Mac, Xbox 360 en PlayStation 3.

Reacties

Sorry! De reacties op dit artikel zijn gesloten.