StarCraft II: Wings of Liberty

Gouwe ouwe.

27 juli 2010 was een dag om nooit te vergeten. Zeker niet als je Kim heet en uit Zuid-Korea komt. Om het als nationale feestdag te bombarderen gaat misschien wat ver, maar met de verschijning van Blizzards langverwachte strategiespel StarCraft II: Wings of Liberty liepen de gemoederen hoog op. Huilen zoals de Zuid-Koreanen, nee dat deden wij echter niet. Daar zijn wij, stoere (ha!) mannen van Eurogamer, immers toch net iets te nuchtere Europeanen voor. Maar een traantje wegpinken, dat komt zelfs bij de beste wel eens voor. En eerlijk is eerlijk: na het zien van de eerste in-game filmpjes kreeg ook ik ergens de bibbers.

Overdreven? Misschien. Feit is wel dat het maar liefst twaalf jaar geduurd heeft voordat het veel geprezen StarCraft voorzien werd van een vervolg. Na WarCraft III en diens uitbreiding werd het vizier gericht op de grote kaskraker World of Warcraft. Dat, en het onderzoek en de ontwikkelingen wat er in Battlenet 2.0, Blizzards eigen online netwerk, is gestoken, heeft er voor gezorgd dat dit het eerste non-World of WarCraft-spel sinds 2003 is voor de gigantische ontwikkelaar uit Amerika.

Of het wachten echter de moeite waard is, ligt eigenlijk meer bij jezelf en wat je verlangt van een strategiespel. Verwacht je een ware revolutie op het gebied van strategie, dan moet ik je teleurstellen: dat ga je hier niet vinden. Het is ook geen Supreme Commander met gevechten op enorme schaal, het is geen Company of Heroes waarbij de omgeving gebruikt kan worden voor dekking en het is ook geen RUSE waarbij je tijdens een pot aan de hand van speciale vaardigheden een strijd in jouw voordeel kunt beëindigen. StarCraft II is traditioneel en een tikkeltje conservatief, maar hierin schuilt dan ook de genialiteit. Eentje die Blizzard maar al te goed door heeft. Behoudend, maar toch is er flinke progressie geboekt: misschien wel de beste gulden middenweg die je maar kunt wensen, zeker in het strategiegenre.

Juist door niet af te stappen van de eerder bewandelde paden die uitgestippeld werden in StarCraft, weet Blizzard namelijk een spel te creëren wat tot in den puntjes uitgebalanceerd is. Perfectie is een mooi streven en wordt vaak niet gehaald, maar men weet met StarCraft II er toch verdomd dicht bij te komen. Toegegeven, het heeft dan ook meer dan een decennium geduurd al met al, maar het resultaat mag er gewoon zijn. En het leuke is, het is voor iedereen een spel om van te genieten.

Dat de professionele Koreaanse e-sporters, met honderden aanslagen per minuut, een opvolger van hun officieuze nationale sport met duizend armen onmiddellijk omarmen, kan iedereen wel begrijpen. Interessanter is om te zien hoe Blizzard er van alles gedaan heeft om ook de casual speler op weg te helpen, zonder dat het spel versimpeld is. Dit merk je met name in de multiplayer (daar later meer over), maar ook zie je dit al gelijk terug in de singleplayer-kant van het spel. En laten we daar maar direct eerlijk over zijn: dit is zoals je een verhaal in een strategiespel wil zien. We zullen niet gelijk met termen als "weergaloos", "epische proporties" of andere superlatieven smijten, dat zou te makkelijk zijn. Maar, neem maar van ons aan: dit is zoals een singleplayer moet zijn.

Het begint eigenlijk al vanaf het moment van installeren van het spel, waarbij je samenvattend uitgelegd wordt hoe het ook alweer in elkaar zat. Kort gezegd komt het er op neer dat je in Wings of Liberty, het eerste deel van het StarCraft II-drieluik, als rebellenleider Jim Raynor de strijd aangaat tegen de vijandelijke keizer Mengsk. Daarnaast vormt het gevaar van de buitenaardse Zerg, onder leiding van de gevaarlijke Queen of Blades (voorheen Raynors oude liefje Sarah Kerrigan), nog altijd een belangrijk onderdeel van Raynors conflict met diegenen die hem verraden hebben. Ook de technologische vooruitlopende Protoss komen opnieuw aan bod, al zijn deze in dit eerste deel slechts een kleine rol toebedeeld.

Terug van weggeweest zijn ook de vingerlikkende en van hoge kwaliteit voorziene tussenfilmpjes, doorspekt met een mix van space opera en de sfeer van het Wilde Westen. Grote klassieke stukken worden afgewisseld met typische gitaarriffjes die zo uit een Leone-westernfilm gestapt lijken te zijn. Ook de vele Amerikaanse accentjes komen weer veelvuldig langs, al lijkt het er minder dik op te liggen dan bij het origineel. Dat neemt niet weg dat Blizzard dondersgoed weet dat het zichzelf niet te serieus moet nemen en gelukkig is dat dan ook nooit het geval.

Dan tijd voor iets nieuws. Eén van de in-het-oog-springende features die StarCraft II te bieden heeft, is de vernieuwde omgeving waarin je jezelf begeeft nadat je een missie succesvol hebt gehaald. De Hyperion is het schip en de mobiele thuisbasis waar Raynor bijkomt van alle avonturen, kan bijpraten met de bemanning en op de hoogte kan blijven van het laatste nieuws aan de hand van tv-uitzendingen. Ook wordt er in het lab onderzoek verricht naar allerlei nieuwe technologische vooruitgangen. Niet langer vertelt het verhaal zich aan de hand van slechts gesproken tekst in één statisch scherm, maar maak je deel uit van de ervaring die eigenlijk nog wel het meest doet denken aan point-en-click-adventures of bijvoorbeeld je kamp uit Dragon Age, een spel ontwikkeld door die ándere uitblinker in westerse singleplayerervaringen, Bioware. Het is dat je nog net geen keuzes hebt in wat je tegen je bemanning kunt zeggen, maar veel scheelt het niet.

Waar je wel weer genoeg eigen inbreng in hebt, is het kiezen van upgrades voor je eenheden. Zie je wel wat in een sterke vloot, dan is het verstandig om je hard verdiende cash, dat je per voltooide missie in ontvangst mag nemen, te bewaren nadat je eenmaal de gewenste vliegtuigen hebt vrijgespeeld. Dit betekent dan weer wel dat je in het begin van het spel met minder sterke eenheden moet werken. Focus je liever op de grondtroepen, dan is het verstandig om gelijk maar de oude vertrouwde Marines van nieuwe uitrusting te voorzien. Eén ding is zeker: zoals zoveel dingen in het leven kun je niet alles hebben, dus plan je tactiek zorgvuldig.

Een vaak gehoorde klacht bij strategiespellen is dat het vaak een herhaling van zetten is. Nou is het ook zo dat bij StarCraft II het opbouwen van een basis in verreweg het grootste gedeelte van de 29 missies aanwezig is. Het is alleen die variatie in missies die de meeste concurrenten in het genre in een klap weten weg te vagen. De ene keer ben je op zoek naar mysterieuze artefacten, een andere keer word je aangevallen door geïnfecteerde soldaten die bijzonder veel doen denken aan zombies. Laten we ook natuurlijk de missies niet vergeten waarin je je schrap moet zetten voor de vele aanvalsgolven die je veelal mee zult maken als je tegen de Zerg moet. De singleplayer is divers en weet keer op keer je aandacht te behouden, iets wat we bij andere games toch stukken minder hebben gezien.

Reacties (1)

Sorry! De reacties op dit artikel zijn gesloten.